Naar de inhoud

30 feiten

30 leuke feiten over Het immuunsysteem

Leer iets nieuws en test jezelf daarna met de quiz.

Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.

Wist je dit allemaal? Bewijs het.

Doe de quiz van 30 vragen
1

Welke karakteristieke vorm heeft een antilichaam?

Een antilichaam is in wezen een uitgescheiden B-celreceptor: het mist het membraandomein en komt daardoor los van de cel die het maakt.

2

Welke ziekte is dankzij vaccinatie zelfs geheel uitgeroeid?

Bij kinderziekten als bof, mazelen en rodehond is het aantal besmettingen dankzij inentingen met ruim 95% teruggebracht.

3

Hoe heet de reactie waarbij de afweer een getransplanteerd orgaan probeert te vernietigen?

Transplantatiepatiënten slikken daarom vaak levenslang afweeronderdrukkende middelen, de zogenaamde immuunsuppressiva.

4

Welke eigenschap van de maag maakt het micro-organismen lastig om daar te overleven?

Op de huid doen vetzuren iets vergelijkbaars, terwijl dicht opeengepakte epitheelcellen indringers fysiek tegenhouden.

5

Hoe heet het proces waarbij een immuuncel lichaamsvreemde deeltjes opneemt en afbreekt?

Dit mechanisme is een van de oudste vormen van afweer en dient bij diverse eencelligen ook als manier om voedsel te vergaren.

6

Welke cellen blijven jarenlang in het lichaam om een herhaalde infectie vlot af te slaan?

Dankzij dit mechanisme hoeft het lichaam niet voortdurend alle soorten antilichamen aan te maken.

7

Bij welke auto-immuunziekte vallen T-cellen de bètacellen in de pancreas aan?

Het gevolg is een ernstig verstoorde insulineproductie; zulke ziekten ontstaan wanneer de tolerantie voor het eigen lichaam faalt.

8

Hoe heet het geheel van onschadelijke micro-organismen op de huid en in de darmen?

Deze bewoners concurreren met ziekteverwekkers om ruimte en voedingsstoffen; sommige darmbacteriën maken zelfs antimicrobiële verbindingen.

9

Tegen welke snel muterende ziekteverwekkers is de opgebouwde bescherming meestal vergankelijk?

Na mazelen of waterpokken ligt dat anders: daar houdt de bescherming een leven lang aan.

10

In welk orgaan voltooien T-cellen hun ontwikkeling voordat ze in de bloedsomloop komen?

Zolang ze nog geen lichaamsvreemd antigeen zijn tegengekomen, worden deze cellen naïef genoemd.

11

Welke geneesmiddelen kunnen de darmflora aantasten, zodat Clostridium de darm koloniseert?

Een gezonde darmflora houdt zulke schadelijke bacteriën in toom door met ze te concurreren om ruimte en voedingsstoffen.

12

Welke huidziekte is een voorbeeld van een orgaanspecifieke auto-immuunziekte?

Systemische lupus erythematodes is juist niet aan één orgaan gebonden: vrijwel elk deel van het lichaam kan worden aangedaan.

13

Welk klassiek symptoom van ontsteking hoort bij pijn, roodheid, warmte en zwelling?

De zwelling ontstaat doordat bloedvaten rond de infectiehaard zich verwijden en doorlaatbaar worden voor eiwitten.

14

Welke stof geven mestcellen in de slijmvliezen af om ontstekingsreacties te reguleren?

Mestcellen horen net als basofielen en eosinofielen bij de granulocyten: witte bloedcellen met korrels in hun cytoplasma.

15

Uit hoeveel ketens is een B-celreceptor opgebouwd?

De ketens komen in twee soorten voor, zware en lichte; de plek waar het antigeen bindt ligt in een hypervariabele regio.

16

Hoeveel klassen van antilichamen vormen zoogdieren?

De klassen verschillen in de bouw van hun zware ketens, en die bouw bepaalt meteen ook de functionele eigenschappen van het antilichaam.

17

Welk soort ritme volgen veel processen van het immuunsysteem?

Dat hangt samen met de slaap-waakcyclus: de hoeveelheid afgegeven cytokinen varieert met de tijd van de dag.

18

Met welke term duiden immunologen geprogrammeerde celdood aan?

NK-cellen zetten dit proces in gang bij zieke cellen die geen intacte zelf-antigenen meer op hun membraan tonen.

19

Met welk systeem slaan bacteriën genetisch materiaal van virussen op in hun eigen genoom?

Bij een tweede infectie door hetzelfde virus herkent de bacterie dat materiaal en breekt het af, vergelijkbaar met de verworven afweer van gewervelden.

20

Welke klasse antilichamen bindt aan mestcellen en zet zo een allergische reactie in gang?

De cytokinen IL-4 en IL-5 zetten B-lymfocyten aan tot de productie van deze antilichamen; veel allergiemedicijnen blokkeren het vervolg van de reactie.

21

Waartegen keert de afweer zich bij multipele sclerose in het centraal zenuwstelsel?

Chronische auto-immuunziekten als deze vormen een zware ziektelast; complete genezing is slechts in zeldzame gevallen haalbaar.

22

Hoe heet het uitschakelen van virussen of toxines met behulp van antilichamen?

Een virus of gifstof met een antilichaam eraan kan zich niet meer aan een gastheercel hechten; nieuwe vaccins mikken daarom op precies deze antilichamen.

23

Welke kortlevende witte bloedcellen worden door chemokinen naar geïnfecteerd weefsel gelokt?

De lokstoffen komen van geactiveerde macrofagen, langlevende cellen die een indringer in het weefsel vaak als eerste tegenkomen.

24

Welk metaal vangen lactoferrinen weg om de groei van ziekteverwekkers te remmen?

Lactoferrinen zitten onder meer in zweet en speeksel; in traanvocht splitsen lysozymen de celwand van bacteriën.

25

Hoe heet een hulpstof zoals aluminiumzouten die vaak aan een vaccin wordt toegevoegd?

Zo'n toevoeging verhoogt de werkzaamheid door het antigeen te stabiliseren of extra signalen op te wekken die de immuunrespons vooruithelpen.

26

In welk dier werden de Toll-like receptoren oorspronkelijk ontdekt?

Deze receptoren ontstonden vermoedelijk meer dan 700 miljoen jaar geleden en komen bij zowel dieren als planten voor.

27

Welke signaalstoffen lokken NK-cellen naar geïnfecteerd weefsel?

Deze kleine eiwitten verhinderen bovendien de replicatiecyclus van virussen.

28

Welke stof maakt een geïnfecteerde plant aan om resistent te worden tegen de ziekteverwekker?

Planten sturen hun afweer vooral met hormonale signalen; deze metaboliet verspreidt zich via de vaten door de hele plant.

29

Hoe heet het proces waarbij een geactiveerde T-cel zich vele malen deelt?

Zo ontstaan duizenden identieke cellen met de juiste receptor, die uitgroeien tot cytotoxische T-cellen of tot helper-T-cellen.

30

Welke toxische eiwitten scheiden cytotoxische T-cellen naast granzymen uit?

Deze T-cellen herkennen een geïnfecteerde cel aan peptiden van de ziekteverwekker die via MHC-I op het membraan worden getoond.

Ken jij Het immuunsysteem?

Test deze feiten in de interactieve quiz.

Doe de quiz van 30 vragen
30 feiten over Het immuunsysteem die je nog niet kende