Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Farmacie is de wetenschap van het geneesmiddel: hoe je het bereidt, samenstelt, aflevert en veilig gebruikt. Het vak is oeroud en tegelijk modern, van geneeskrachtige planten tot medicijnen die op grote schaal worden gemaakt. Deze quizvragen gaan over de geschiedenis en de symbolen van de farmacie, over het werk in de apotheek en over de regels die daarbij horen. Een flink deel draait om het beroemdste medicijn van allemaal: aspirine, van wilgenblad tot tablet.
Alle 30 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Voor welk beroep volg je in Nederland na de studie farmacie nog een vervolgopleiding?
Apotheker
Deze zorgverleners zijn experts in farmacotherapie en bewaken de kwaliteit en veiligheid van het geneesmiddelengebruik.
Q 02In het laboratorium van welke Duitse fabrikant werd acetylsalicylzuur een bruikbaar medicijn?
Bayer
Dat gebeurde in Elberfeld; de stof zelf was tientallen jaren eerder al gemaakt door Charles Frédéric Gerhardt.
Q 03Farmacie beweegt zich op de grens van geneeskunde, biologie en welke derde wetenschap?
Scheikunde
Met inzichten uit die drie vakken wordt verklaard hoe geneesmiddelen werken en hoe ze veilig en effectief te gebruiken zijn.
Q 04Op welk orgaan werkt acetylsalicylzuur vrij sterk prikkelend?
Maag
Vooral in hoge doseringen heeft het middel ernstige bijwerkingen, waaronder oorsuizen en doofheid.
Q 05Door de opkomst van welk middel was aspirine niet langer de meest gebruikte pijnstiller?
Paracetamol
Merkloos heet aspirine acetylsalicylzuur, ook wel acetosal.
Q 06In welk tijdperk vertraagde de ontwikkeling van de farmacie in Europa?
Middeleeuwen
Oorzaken waren onder meer het verlies van Griekse geneeskundige teksten en een strikte naleving van kerkelijke traditie.
Q 07Welke geneeswijze uit India speelde een rol in de vroege ontwikkeling van de farmacie?
Ayurveda
Ook in de islamitische wereld en in China ontwikkelde de farmacie zich verder.
Q 08Welk deelgebied van de farmacie bestudeert de wisselwerking tussen medicijnen en het lichaam?
Farmacologie
Belangrijke aspecten daarbij zijn werkingsmechanismen, bijwerkingen, interacties, mobiliteit en toxiciteit.
Q 09Ter voorkoming waarvan wordt een lage dosis acetylsalicylzuur zeer veel voorgeschreven?
Beroerten en hartinfarcten
Het middel werkt daarnaast pijnstillend, koortsverlagend en ontstekingsremmend.
Q 10Hoe heet de staf met een kronkelende slang die het universele symbool van de farmacie werd?
Esculaap
De staf hoorde bij Asklepios, de Griekse halfgod van de genezing.
Q 11In welke Nederlandse wet staan de eisen voor het bereiden van medicijnen?
Geneesmiddelenwet
Bij de wet horen ook een Regeling en een Besluit; de regels voor medicijnen kunnen per land verschillen.
Q 12Op welke bestanddelen van het bloed heeft acetylsalicylzuur een onomkeerbaar effect?
Bloedplaatjes
Het belemmert ze om samen te klonteren; het effect houdt ongeveer een week aan, tot ze allemaal zijn vervangen.
Q 13Hoe heet een medicijn of hulpmiddel dat in een apotheek wordt ingekocht of bereid?
Farmaceutisch preparaat
Farmaceutische zorgverleners zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van alles wat zij inkopen, beheren, bereiden en afleveren.
Q 21Welke dochter stuurde de Griekse halfgod Asklepios uit om over de volksgezondheid te waken?
Hygieia
Asklepios gold als de halfgod van de genezing; kennis van geneeskrachtige natuurproducten speelde een rol in veel vroege mythologieën.
Q 22Met inzichten uit welk vakgebied zocht de farmaceutische industrie naar nieuwe medicijnen?
Organische chemie
Door de opkomst van die industrie veranderde de farmaceut van zelfstandig bereider in adviseur en kwaliteitscontroleur van op grote schaal gemaakte medicijnen.
Q 23In welke Australische stad probeerde George Nicholas in 1914 acetylsalicylzuur te maken?
Melbourne
Dat mocht, omdat het patent op de stof niet in Australië gold.
Q 14Bij welke aandoening wordt de combinatie van acetylsalicylzuur en metoclopramide gebruikt?
Migraine
De combinatie wordt verkocht onder de merknaam Migrafin.
Q 15Op welke Mesopotamische schriftdragers zijn de beginselen van de farmacie al terug te vinden?
Kleitabletten
Ook Egyptische papyrusrollen, zoals de Papyrus Ebers, leggen al vroege farmaceutische kennis vast.
Q 16Aan welke kwaal leed de vader voor wie Felix Hoffmann een pijnstiller gezocht zou hebben?
Reuma
Lange tijd werd de ontdekking van acetylsalicylzuur algemeen aan Hoffmann toegeschreven.
Q 17Naar wie heet het syndroom waardoor acetylsalicylzuur bij jonge kinderen wordt afgeraden?
Reye
Ook bij zwangerschap en borstvoeding wordt gebruik van het middel afgeraden.
Q 18Welke oude Nederlandse naam wordt ook wel voor de farmacie gebruikt?
Artsenijbereidkunde
Het vak draait om de bereiding, samenstelling en levering van geneesmiddelen, maar ook om het veilig en effectief gebruik ervan.
Q 19Hoe heet een stof die, zoals acetylsalicylzuur, de activiteit van een eiwit remt of stopt?
Inhibitor
In dit geval gaat het om het enzym COX, dat nodig is voor de aanmaak van prostaglandine.
Q 20Onder welke naam werd het Australische middel Nicholas Aspirin al snel verkocht?
Aspro
De eerste pogingen mislukten door een onzuiver product; pas in 1915 lukte het om het middel te zuiveren.
Q 24Welk enzym remt acetylsalicylzuur om pijn, koorts en ontsteking tegen te gaan?
Cyclo-oxygenase
Het enzym is in lichaamscellen onmisbaar voor de aanmaak van prostaglandine, een stof die pijn verergert en koorts veroorzaakt.
Q 25Uit welke eeuw stamt de farmacie als zelfstandig wetenschapsgebied?
Negentiende
De farmaceutische industrie ontstond nog later, na de Tweede Wereldoorlog.
Q 26Welk volk gebruikte rond 2000 voor Christus al wilgenbladeren tegen pijnlijke gewrichten?
Assyriërs
Rond 1550 voor Christus gebruikten ook de oude Egyptenaren een brouwsel van wilgenbladeren tegen pijn en ontstekingen.
Q 27Van welke oude Duitse naam voor salicylzuur is de merknaam Aspirine afgeleid?
Spirsäure
De A ervoor staat voor acetyl, omdat het om geacetyleerd salicylzuur ging.
Q 28In welk jaar maakte Charles Frédéric Gerhardt voor het eerst acetylsalicylzuur?
1853
De stof was toen nog onzuiver en instabiel, en in die tijd had niemand er interesse in.
Q 29Welke Fransman isoleerde in 1829 als eerste de stof salicine in zuivere vorm?
Henri Leroux
Eerder hadden Francesco Fontana in Italië (1825) en Johann Andreas Buchner (1828) al geprobeerd het wilgenextract te zuiveren.
Q 30Met hoeveel milligram acetylsalicylzuur komt 100 mg carbasalaatcalcium overeen?
80
Carbasalaatcalcium is het calciumzout van de stof en moet in het lichaam eerst worden gesplitst voordat het werkzaam is.